2 Maart: Oranjemund

's-Ochtends giert de wind rond het huis. Daar gaan we nog last mee krijgen onderweg vrezen we. Eerst maar eens ontbijten. Het is een ouderwets Zuid Afrikaans uitgebreid en heerlijk ontbijt. In de tuin kwinkeleert een leuk lachend vogeltje.

 

 

Rond kwart voor negen gaan we richting Springbok. Aanvankelijk wilden we via Kleinsee rijden, maar de manager heeft ons dat sterk afgeraden. Beter vijftig kilometer omrijden dan via de afgrijselijke hobbel- en stofweg langs Kleinsee. Wat kunnen we anders doen dan haar raad opvolgen...

Na Springbok waar we bij de Spar een paar spuitbussen anti muggenspul, koekjes, muffins en water inslaan rijden we vijftig kilometer noordwaarts naar Steinkopf. Vanaf daar is het één streep van negentig kilometer westwaarts naar de kustplaats Port Nolloth. We hebben nu de wind, die al wat is afgenomen, in de rug en dat vinden de Etios en wij een stuk fijner.

Dit vissersdorp ademt een aparte sfeer uit. De oceaan beukt tegen het land, de lucht is klam en het is helemaal niet "Afrikaans". Opmerkelijk is dat er hier flamingo's in de branding staan. Nog nooit gezien.

 

Wat dacht je van deze apart vormgegeven kerk. Hij dateert uit 1904 en helaas voor ons, er is vandaag geen mis. Het is hier, waarschijnlijk mede door de elementen, toch een zeer godvruchtige streek. We passeren de ene na de andere kerk.

 

Het Port Nolloth museum is zelf een museum, type barak met ouwe troep. We laten het bij een foto van de entree.

 

Na deze tussenstop gaan we weer noordwaarts naar Alexander Baai. Daar moeten we de grens over gaan met Namibië. We komen een sterk staaltje werkverschaffing tegen. De ene ambtenaar zegt dat we fototoestel en laptop moeten inklaren en de andere ambtenaar zegt: "waarom, het is toch je eigendom?". In totaal zijn er in acht man met ons bezig geweest. Gelukkig waren we de enigen aan de grens, anders hadden er serieuze opstoppingen ontstaan.

Aan de Namibische kant is het nog een tandje erger. We hebben papieren om de auto over de grens te krijgen, speciaal voor ons gefabriceerd in Kaapstad. Helaas, daar weet niemand raad mee. Waar is dit voor vragen ze. Hoe lang blijf je dan? Weet je wat, het is wel best zo. Oh nee, ik vraag even mijn superieur. Die zegt hetzelfde. Wat is dat, wat moet ik ermee? Ik zit net zo lekker, laat me met rust. Ja, ga maar door, het is best zo.

Na deze bureaucratie moeten we nog een permit halen. Immers, we betreden nu het Sperrgebiet, een strook van honderd bij tweehonderdvijftig kilometer langs de kust. Een eeuw geleden zijn daar diamanten gevonden en nog steeds worden ze gemijnd. Ook dat is een fraaie vertoning, met dit keer een zeer goed gehumeurde dame. Ze zegt tegen Mar "The 24-th your eating cake", oftewel dan ben je jarig! Na wat foto's van ons te hebben gemaakt overhandigt ze ons allebei een pasje. Met het pasje in de hand gaan we naar de volgende beambte. Hij maakt de slagboom open en we kunnen Namibië in!

Ruim één kilomter verderop ligt onze lodge, Opmystoep geheten. Denk aan een soort truckerslodge in the middel of nowhere waar ruige mannen komen zuipen. Wij hebben de VIP room en daar is niks mis mee...

 

Het uitzicht is totaal anders dan gisteren. Deze foto is genomen vanuit de voordeur.

 

Na even uitpuffen gaan we Oranjemund verkennen. Wat een gat is dat zeg, pfff. Je kan een foto van Alexander Baai maken dat aan de overkant van de Oranje rivier ligt maar dan heb je het ook wel gehad.

 

We vinden na enig zoeken het enige tankstation van het gehucht, gooien de auto vol en laten de banden wat leeglopen voor de weg van morgen. In de Spar halen we wat biertjes en een Savanna Dry en dat was het. Bij onze lodge is het stukken gezelliger en het uitzicht boeiender!!!

Prima omgeving om de website bij te werken.

Klik hier voor het vervolg, Sperrgebiet

 

 

 

 

  over ons
contact
 
cookies
privacy
 
bijgewerkt
04-06-2020