24 december: naar Laos

De dag begint weer vroeg, om half acht worden we opgehaald. We lopen naar de kade en zien daar onze boot liggen waarmee we vijftig kilometer over de mekongrivier naar de grens moeten varen. Nou ja, boot is een groot woord, het is een vletje met een gigantische motor erop.

 

Na alles in balans te hebben gebracht scheuren we weg. De motor maakt een oorverdovend lawaai en het water spat hoog op. Al manoevrerend tussen zandplaten, rietkragen en passanten gaan we richting grens. Alles gaat in een sneltreinvaart en trekt als een flits aan je voorbij, ook dit schuitje.

 

Binnen het uur zitten de vijftig kilometer erop. De grenspost van Cambodja ziet er anders uit dan voorgesteld...

 

Of er in dit land corruptie is? De douanier vraagt ons drie dollar per paspoort voor het afstempelen. Na vijf minuten heen en weer gesjagger maken we het af op één dollar per paspoort.

Daarna mogen we de rivier oversteken om bij de Laotiaanse grens te komen. En ook daar vragen ze zonder blikken of blozen drie dollar per paspoort en moeten we dus weer sjaggeren. Wederom komen we uit op één dollar per paspoort. Toch weer acht dollar uitgespaart. We gaan Laos in en kijken achterom.

 

We moeten nog wel even wachten op het busje wat ons naar Don Khong gaat vervoeren. Geen nood, we wachten samen met onze schipper en eten wat drop (hij ook). "Hoe hard gaat je boot nu eigenlijk", vraagt Peet hem. Vol trots schrijft Nje, de schipper, het getal tachtig in het zand. Jawel, knikken ook de andere schippers, de boot van Nje gaat erg hard. Mar's haar zit nu net iets anders dan anders dan vanochtend vroeg.

Het wordt erg gezellig, de schippers zitten kip te eten en wij drinken cola. Weldra is de kip op. Opeens wordt het rustiger bij het hutje en even later realiseren we welk geluid we missen... De kippen!

Klik hier voor het vervolg, Si Phan Don

 

 

 

 

  over ons
contact
 
cookies
privacy
 
bijgewerkt
02-06-2020