9 November: Louis Trichardt

Het terras van het restaurant in Shingwedzi kijkt uit op de drooggevallen rivier de Shingwedzi. Voor ons nauwelijks te bevatten dat het terras, wat een meter of 7 hoger ligt dan de rivierbedding in de natte tijd soms onder water staat. We ontbijten en bekijken onderwijl wat er zoal afspeelt in de rivierbedding. De apen doen wat ze moeten doen, elkaar vlooien.

En de weaver begint met het bouwen van zijn nest aan de dakrand.

We rijden een loop van 25 kilometer rond het kamp en zien weer een aantal dieren in de bush. De meesten hebben we al in het album, maar deze Maraboe nog niet.

Na de loop besluiten we het park uit te rijden. Het is nog 70 kilometer naar de Punda Maria gate en daarna nog 120 naar Louis Trichardt, de eindbestemming van vandaag. Hier nog een eekhoorntje tot besluit van onze tijd in het Kruger.

Het moge duidelijk zijn dat we niet de veerboot moeten nemen naar Louis Trichardt...

Het landschap veranderd snel als we het Kruger uitrijden. Van gortdroge savanne gaat het over in bergachtig tropisch regenwoud. Het wordt ook weer druk op de weg, veel verkeer, mensen, huizen en onze eerste stoplichten in weken.

Louis Trichardt staat ook wel bekend onder de naam Makhado en ligt in de Soutpansberge. Begin deze eeuw heeft het een paar jaar Makhado geheten. Louis Trichardt was een van de Voortrekkers, blanke Afrikaanse boeren op zoek naar nieuw land omdat de Engelsen ze verjaagd hadden uit de Kaap. Makhado was een (zwarte) Venda koning die de Voortrekkers die hun land wilden inpikken, bestreed. Vandaar de gevoeligheid over de naam van deze plaats.

We zitten hier ongeveer 100 kilometer ten zuiden van Beitbridge, de grens van Zuid Afrika met Zimbabwe. De Steenbokskeerkring ligt zo'n 50 kilometer ten zuiden van Louis Trichardt, dus is de ligging vergelijkbaar met Zuid Marokko. Het is dan ook niet verwonderlijk dat het hier (sub)tropisch warm is. meer in de rotsachtige heuvels en zijn we dit keer voor het eerst tegen gekomen.

Eenmaal in de stad gaan we op zoek naar een geschikt onderkomen. Dat valt niet mee. Er zijn genoeg mogelijkheden, maar of ze hebben geen plek, zijn schreeuwend duur, direct aan de snelweg of ze worden beheerd door een eng oud, naar mottenballen riekend mannetje met een ontstoken been.

Uiteindelijk belanden we in het Bucking Star Guesthouse, al snel door ons omgedoopt in het Fucking Star. Het heeft 3 sterren, maar die vallen zowat van de gevel af, maar niet al te duur. We vermoeden dat het ooit een door witmensen gerund middenklasse guesthouse is geweest, nu zwaait er een zwarte oudere man de scepter. Reuze vriendelijk, dat dan weer wel, maar totaal geen kaas gegeten van het runnen van een onderkomen. Zo is er een ontbijtmenu waar je uit kan kiezen, maar wat je ook aangeeft, je krijgt toch een bord met omelet, patat, hamburger en een baggervette kaastoast. Dat ligt zwaar op de maag! Als we vragen naar het fruit wat op de kaart staat lacht hij vriendelijk en stuurt iemand op pad om appels te kopen.

Aan een paar voorbijgangers vragen we waar we het beste kunnen eten. Het Mountain View Hotel is het antwoord. Dat ligt op 8 kilometer van de stad in de bergen met een prachtig (nacht)zicht op de stad. We eten een struisvogelbiefstuk en spoelen die weg met een beste fles Merlot.

Klik hier voor het vervolg, Soutpansberge