9 Februari: Ibagué

Het voornemen van vandaag is een wandeling te gaan maken in de Valle de Cocora. De vallei, die in de Cordillera Central ligt, maakt deel uit van het Nationaal natuurpark Los Nevados. Hier komt de nationale boom van Colombia, de Ceroxylon quindiuense of waspalm veelvuldig voor.

Het is maar acht kilometer rijden naar het beginpunt van de wandelroutes. Er zijn er twee, een lange en een korte. Wij willen de korte doen van 45 minuten (de lange is 5 uur). Het weer is niet echt geweldig, het motregent. Hoe dichterbij we komen hoe drukker het wordt. Het wemelt van de Jeeps volgeladen met voornamelijk backpackers. De weg ligt bezaaid met paardenstront (Je kunt de route ook te paard afleggen). Het heeft gisteren ook geregend zodat we vermoeden dat het een wandeling door stront en blubber gaat worden met een man of duizend tegelijk.

Nee, dit is niks voor ons, deze Coca-Cola route. Enigszins gedesillusioneerd keren we om. 

Gelukkig staan de waspalmen ook langs de weg die we zijn gekomen. Als troost maken we daar foto's van. 

Het is een grappig gezicht, die koeien op de bergrug in de verte. Lijkt wel Zwitserland met palmbomen. 

We doen nog maar een bakkie koffie in Salento voor we aan de urenlange tocht naar Ibagué beginnen. Ver is het niet, maar erg bochtig en steile wegen. Tel daarbij op dat er vandaag wel heel veel vrachtwagens op de weg zijn en dan weet je dat je wel een paar uur zoet bent.

Ibagué is geen stad die je hart steelt. Bovendien hebben we wel weer wat op- en uitzoekwerk te doen voor de komen de dagen. Maw, we verlaten het hotel, Estelar Altamira, niet meer deze dag. Dit zou een 5 sterren hotel moeten zijn maar dat vinden we er minstens eentje overdreven. Wel een mooi zwembad.

10 Februari: Bogotá

Tot onze verbazing en genoegen is de weg naar Bogotá vrijwel geheel een 4-baansweg. We moeten ook 4 keer tol betalen, ongeveer €3 per keer.

Nog even snel een foto van de Kia Picanto onderweg want morgen moeten we de auto inleveren.

We schieten goed op tot aan Bosa, een voorstad van Bogotá. Daar rijden we het verkeersinfarct van de stad in. Over de laatste twintig kilometer doen we een dik uur.

Het hotel van vandaag ligt minder dan twee kilometer van het vliegveld. Wel handig, morgen vliegen we naar Cartagena. We arriveren om een uur of een en de chagrijnige troel achter de balie is niet te vermurwen, we mogen nog niet inchecken ook al heeft het er alle schijn van dat het hotel nog niet hal vol is. Jammer, het Habitel is een goede keus voor iets meer dan €50 per nacht. Moderner dan het onderkomen van gisteren, maar ook hier geen *****, eerder ****. 

Lunchen dan maar. Na enig zoekwerk belanden we in een kiprestaurantje in de wijk. Veel voor weinig, lekkere kip. Bij terugkeer mogen we eindelijk inchecken...
Vermeldenswaard is de isolatie van het hotel. Je ziet vliegtuigen opstijgen maar hoort er vrijwel niks van.

Klik hier voor het vervolg, Caribische kust